4.6 / 5
5 reviews
Rouwauto - 110 jaar Dunweg

Opa’s en auto’s

Ik ben opgegroeid als zoon van een begrafenisondernemer. Twee dagen voor mijn geboorte, ging mijn vader Wim bij mijnheer Dunweg werken. We praten over 15 februari 1973. Dunweg heette toen nog Dunweg’s Begrafenis en Crematie Associatie en was gevestigd aan de Tuinweg 9 in Hoofddorp. Hier gingen wij in 1975 wonen en groeide ik op.

Dunweg Uitvaartzorg in vroeger tijden - Hoofddorp Tuinstraat

Het uitvaartcentrum was op de eerste verdieping en de rouwkamer lag naast mijn slaapkamer. Mijn tweelingbroer en ik moesten altijd stil zijn. Stil als de telefoon ging. Stil als er iemand aan de deur kwam. En vooral geen geluid maken wanneer in de avonduren een rouwbezoek gehouden werd. Op de begane grond was de garage en de plaats van de koeling, waar de overledenen opgebaard lagen.

Als er een begrafenis was, dan kwamen de chauffeurs binnen die de rouwauto en volgauto’s kwamen ophalen. Ook was onze keuken de verzamelplaats voor de dragers, die hier vanuit naar de begraafplaats gingen. En mijn broer en ik dan? Wat deed dat met ons, opgroeien in een uitvaartcentrum? De meeste kinderen gruwelen bij deze gedachte, maar wij waren de koning te rijk. Wij hadden namelijk de meeste opa’s van de klas: opa de Boer, opa van der Woude, opa Switser, opa Schoenmaker, noem maar op. Wij? Wij wisten niet beter.

Rouwauto Dunweg Uitvaartzorg

Het was ook die tijd, dat het een uitzondering was als mensen een eigen auto hadden. En al helemaal als een gezin beschikte over een twééde auto, een boodschappenauto voor moeders. Als we dan op school kwamen en een van de klasgenootjes trots vertelde dat mama nu ook een eigen auto had, dan reageerden wij laconiek. Want twee auto’s? Goh, wij hadden er wel zeven. En niet van die kleine, maar ook grote waar je wel met z’n achten ik kon zitten. Wij? Wij wisten niet beter.

110 jaar Dunweg.

 

Alexander van der Pijl
Alexander van der Pijl, directeur Dunweg

Onze overige vestigingen